Graniet is een zuur (of felsisch) stollingsgesteente dat voornamelijk bestaat uit drie mineralen; kwarts, veldspaten (kaliveldspaat en plagioklaas) en mica's (muscoviet en/of biotiet). Ook amfibool komt in graniet voor.
De onderlinge verhouding van de mineralen verschilt, maar doorgaans is kwarts de dominante component (ongeveer 50%). Het kwarts is meestal grijs, het veldspaat kan gekleurd zijn (crème, roze voor kaliveldspaat en (melk-)wit voor plagioklaas) en de glimmers zijn meestal bruin of lichtgrijs van kleur.
Voorkomen
Graniet is een stollingsgesteente en dat wil zeggen dat het is gevormd door het ondergronds stollen van magma. (Dit in tegenstelling tot een uitvloeiïngsgesteente zoals basalt dat dichtbij of aan het aardoppervlak gestold is.) Doordat graniet op diepte gestold is, hebben de mineralen bij langzame afkoeling de tijd gehad om kristallen te vormen. Een gesteente dat nog langzamer stolt, meestal in de "armen" van een magmakamer, wordt pegmatiet genoemd. Als graniet wordt blootgesteld aan zeer hoge drukken en temperaturen, verandert het in gneis, een metamorf gesteente.
Naamgeving
Het woord graniet is afgeleid van het Latijnse woord granus, dat korrel betekent. Het verklaart het vaak korrelige uiterlijk van graniet. Strikt genomen klopt dit niet, omdat een stollingsgesteente niet bestaat uit korrels (wat typisch is voor een sedimentair gesteente), maar uit kristallen. Grofkristallijn zou een betere benaming zijn.
Industriële toepassing
Graniet wordt veel gebruikt als natuursteen in sierbestrating of in interieurs. Bekend zijn aanrechtbladen van graniet, niet te verwarren met het kunstmatige granito, dat veel in aanrechten en douchebakken in de jaren vijftig werd gebruikt. Ook moet graniet niet verward worden met petit granit, dat een licht metamorfe kalksteen is en veel in de Ardennen wordt gedolven.
Indeling der stollingsgesteenten
|
|
|
Felsisch
|
|
Mafisch
|
% SiO2
|
>68
|
68-63
|
63-52
|
52-48
|
<48
|
uitvloeiingsgesteente
|
rhyoliet
|
daciet
|
andesiet
|
basalt
|
komatiiet
|
ganggesteente
|
granofier
|
granodioriet
|
dioriet
|
doleriet
|
peridotiet
|
dieptegesteente
|
graniet
|
gabbro
|
Marmer is gemetamorfeerd kalksteen, bestaande uit zeer puur calciumcarbonaat. De verschillende marmersoorten hebben dichtheden die tussen de 2.5 en 2.8 liggen. Vanwege zijn zachtheid, relatieve isotropie en homogeniteit is marmer zeer gewild als bouwmateriaal en in de beeldhouwkunst. De temperaturen en drukken die nodig zijn om kalksteen om te vormen in marmer zijn dermate hoog dat eventueel in de kalksteen aanwezige fossielen vernietigd worden.
Soorten marmer (genoemd naar plaats waar het gewonnen wordt):
Durango Marble from Coyote Quarry, Mexico
|
Thassos from Greece
|
Paros from Greece
|
Rouge de Rance from Rance, Belgium
|
Penteli from Greece
|
Carrara and Luni from Italy
|
Proconnesus from Turkey
|
Connemara from Ireland
|
Brac from the island of Brac, Croatia
|
Black Marble from Kilkenny, Ireland
|
Macael from Spain
|
Makrana from India
|
Boticena and Onyx(Green) from Pakistan
|
Danby from Vermont
|
Yule from Colorado
|
Royal White from China
|
Beijing White from China
|
Vietnam White from Vietnam
|
Llano Pink from Central Texas
|
|
White marbles, like Carrara in Italy, Royal White and Bejing White in China, have been prized for sculpture since classical times. This preference has to do with the softness and relative isotropy and homogeneity, and a relative resistance to shattering. Also, the low index of refraction of calcite allows light to penetrate several millimeters into the stone before being scattered out, resulting in the characteristic "waxy" look which gives "life" to marble sculptures of the human body.
Gepolijst marmer
In de bouwwereld wordt de term marmer ook wel gebruikt voor andere bruikbare kalkachtige en niet-kalkachtige steensoorten. Het woord "marmer" komt van het Griekse woord "marmaros" ("µa?µa???") dat "glanzende steen" betekent.
In de folklore wordt marmer geassocieerd met het dierenriemteken Tweelingen. Egaal wit marmer geldt als een teken van puurheid en onsterfelijkheid en van succes met studie.
Marmer is een kostbare bouwsteen. Daarom wordt wel eens een namaakmarmerpatroon aangebracht op hout, dit wordt marmeren genoemd.
Onyx is een mineraal en een variëteit van kwarts, meer nader bepaald een variant van chalcedoon. Onyxen zijn tweekleurige nesosilicaten, waarbij de kleuren als lagen of banden met elkaar verweven zijn.
Onyx is verwant aan agaat, een vierkleurige kwartsvariant. Er zijn verschillende soorten onyxen, waarbij de basisnaam onyx normaal gesproken gebruikt wordt om een mineraal aan te duiden met witte en zwarte lagen. Daarnaast kennen we ook de sardonyx met witte en roodbruine (de kleur die sard genoemd wordt) lagen en carneool of carneoolonyx (vuurrode en witte lagen).
Onyx wordt gevonden in Brazilië, Madagaskar, Mexico, Uruguay, de Verenigde Staten en Pakistan.
Industriële toepassing
Onyx is een populair mineraal voor toepassing als siersteen in ringen en pendanten. De zwarte onyx vindt daarbij met name gretig aftrek voor sieraden die gedragen kunnen worden bij rouwaangelegenheden, vanwege het beeldschone contrast van het diepe zwart en het parelwit dat deze steen tekent.
Onyxen worden meestal cabochon geslepen — dat wil zeggen, afgerond en gepolijst en niet gefacetteerd zoals diamanten. Daarnaast worden onyxen soms tot kralen gesplepen. Beide vormen behouden de natuurlijke, vloeigende vorm van het wit door het gekleurde materiaal heen en vermijden scherpe afsnijdingen. Daarnaast wordt onyx toegepast voor het maken van zegelstenen en camees, waarbij ze zo geslepen worden dat de banden contrasteren met het grondmateriaal.
Onyxen worden ook gebruikt om andere stenen mee te splijten.
Kunstonyxen
Onyxen zijn zo gewild dat de natuurlijke aanvoer ervan niet aan de vraag kan voldoen. Om die reden wordt veel gebruik gemaakt van kunstonyxen. De meest bekende kunstonyxen worden vervaardigd door het verven van agaten of het onderdompelen van grauwe chalcedoonen in een zuurbad. Soms wordt ook een glanzende obsidiaan als basismateriaal gebruikt, die dan ruw gepolijst wordt; het resultaat is een matte, diepzwarte kleur.
Het onderscheiden van echte en onechte onyxen is een bijzonder lastig karwei. Een steen is pas een echte onyx als de witte banden helemaal door het materiaal geweven zitten, ook diep binnen de steen. Om dat vast stellen is een uitgebreid, mineralogisch onderzoek meestal onvermijdelijk.
Geschiedenis
In de oudheid werd karneool gedolven in Noord-Afrika als siersteen. In de keizertijd werden onyxen vooral gebruikt voor de vervaardiging van edelstenen; in de westelijke provincies werden regelmatig ringen met dergelijke stenen aangetroffen. In de laatromeinse tijd vinden we karneolparels ook in de oostelijke provincies. Boven de Alpen kwamen karneolen maar een enkele keer voor, zoals in Pfyn en Zwitserland.
Onyx in de esoterie
De onyx heeft een esoterische geschiedenis die bijna zo lang is als zijn wereldlijke geschiedenis.
In de middeleeuwen werd de onyx al gezien als "onheilssteen", een symbool van rouw en ellende. Andere bronnen vertellen dat het ook een helende steen was, met een positieve uitwerking op de huid, het haar en de nagels. Binnen de dierenriem wordt onyx in verband gebracht met de steenbok en met Saturnus. Onyx zou ook een heilzame invloed uitoefenen tegen misselijkheid, overgevoeligheid voor het weer en maag- en darmklachten.
|